|
behandelingen
dieren
workshops
artikelen
over
mij
route
|
|
Merrie
Wahinhe als therapeut
door Gaby
Buiskool, mei 2008
Sinds
november 2006 hoort Wahinhe bij ons. Wahinhe is een Appaloosa-merrie van
ongeveer zeven jaar oud. Tijdens mijn eerste kennismaking met haar gaf ze
aan dat haar manegenaam Simone haar niet past en dat ze “Sneeuw” heet,
in Indianentaal. Deze toevoeging kwam er met enige nadruk achteraan. Dus
ging ik op zoek en vond op de website van de Lakota Sioux Indianen
“wahinhe” dat “sneeuwen” (= sneeuw in beweging) betekent. Wahinhe,
toen nog Simone, ging akkoord en sindsdien draagt ze deze naam.
Hoewel ze
qua lichaamsbouw en qua tekening duidelijk afwijkt van het “standaard”
Nederlandse paard, kwamen we er pas later achter dat ze een Appaloosa is,
een ras dat oorspronkelijk door de Nez Percé Indianen is gefokt.
Op
de manege, waar ze bijna een jaar was voordat wij haar daar weghaalden,
had ze het etiket “dominant” en “onbetrouwbaar”. Ze wilde zich
niet laten zadelen, bleef niet stilstaan bij het opstijgen en gooide
regelmatig onervaren ruiters van haar rug. Op zeker moment begon ze zelfs
te bijten als men te dichtbij kwam. “Dominant” dus, en bijgevolg werd
ze als zodanig behandeld, hetgeen betekende dat “ze eronder gehouden
moest worden”. Het werd van kwaad tot erger.
Ze benadert andere paarden over het algemeen nogal agressief, voor de
manegehouders ook een “bewijs van dominantie”. Het derde bewijs dat we
hier met een dominant paard te maken hebben, aldus de manege-eigenaars, is
het vele wit in haar ogen.
Echter, alle Appaloosa’s laten veel oogwit zien, een kenmerk van het
ras.
Wahinhe’s onhandelbaarheid had te maken met fysieke pijn: op de manege
werd ze gereden met een niet-passend zadel. Geen wonder dat ze zich niet
wilde laten zadelen en berijden!
Haar agressieve benadering van soortgenoten komt voort uit angst en
onzekerheid. Wij kennen haar verleden slechts vanaf het moment waarop ze
op de manege kwam. Dus liet ik Wahinhe haar verhaal zelf vertellen: een
vrolijk, ondernemend, levenslustig veulen geflankeerd door een attente
moeder. Ze is te vroeg bij haar moeder weggehaald en heeft daarna nooit de
stabiele, geborgen omgeving gekend die een opgroeiend wezen nodig heeft.
In de paardenfokkerij is het vrij normaal om een veulen na zeven tot acht
maanden van de moeder te scheiden. In het wild blijven de veulens enkele
jaren in dezelfde kudde als de moeder. Voor Wahinhe, een zeer aanhankelijk
dier, was acht maanden véél te vroeg.
Op mijn vraag naar andere paarden dan haar moeder ervaar ik slechts
leegte: Wahinhe in een grote leegte met ergens ver weg aan de horizon
enkele andere paarden. Ze heeft nooit geleerd hoe ze met andere paarden om
moet gaan. Ze voelt zich onveilig bij haar eigen soort en kiest, volkomen
onnodig, de aanval als verdediging.
Nu, anderhalf jaar later, is ze erg veel veranderd: emotioneel stabieler,
véél liever, fitter en begint ze zelfs te leren dat andere paarden
minder bedreigend zijn dan ze dacht. Sneeuw in Beweging. Ze draagt haar naam met ere.
Carla,
een van mijn cliënten (de naam is gefingeerd), vindt paarden fascinerende
en prachtige dieren maar is er ó zo bang voor. Graag wil ze die angst
overwinnen en ik stelde voor dat ze ’s morgens aankeert als ik toch met
de paarden bezig ben. Regelmatig is ze present.
Carla en Wahinhe vinden elkaar in de wijze waarop ze het leven tegemoet
treden. Beiden hebben weinig vertrouwen in zichzelf en daarmee ook weinig
vertrouwen in de ander. Beiden kunnen zichzelf zozeer in hun oude
(angst)patronen vast zetten dat ze totaal geen verbinding meer hebben met
wat er werkelijk gaande is. Beiden “zweten peentjes” als ze zich
geconfronteerd zien met een enge of moeilijke situatie; Wahinhe kan dan
letterlijk baden in het zweet.
Beiden echter vinden uiteindelijk toch weer de kracht, de moed en het
doorzettingsvermogen om hun angsten te lijf te gaan om die ándere wereld,
de wereld waarin je niet bang hoeft te zijn, te onderzoeken. Beiden hebben
inmiddels al vele angsten overwonnen, zijn blijer, vrijer en opener
geworden.
Dat beiden, vrouw en merrie, mijn ondersteuning zoeken om zichzelf te
vinden laat me niet onberoerd. Al vind ik het nogal bizar dat ik, een
mens, een paard moet leren hoe het een ander paard op een
paardvriendelijke wijze dient te benaderen.
In
deze specifieke sessie werkten Carla en ik aan enkele overtuigingen
betreffende haar negatieve zelfbeeld. We waren aangekomen op het punt
waarop Carla de overtuiging “ik ben alleen” had omgekeerd in “we
zijn samen” en “ik ben slecht, ik kan niet” in “ik ben
poepgoed!” (een uitdrukking van haar vader). Ze had onderzocht wat de
negatieve overtuigingen in haar leven en haar lichaam hebben aangericht:
constant was ze bezig deze overtuigingen te bevestigen met als gevolg
depressie, slachtoffergedrag en verkramping in haar lichaam. De nieuwe
overtuigingen brachten eindelijk rust in haar denken, fysieke ontspanning
en haar handen en armen gingen open om de wereld te omhelzen.
Op dit punt verscheen Wahinhe in Carla’s bewustzijn. Carla heeft de
workshops over communicatie met dieren bij me gevolgd, dus kon ik volstaan
met de opmerking “onderzoek maar wat ze je wil laten zien of wil
vertellen”. Op hetzelfde moment vertrok Carla’s gezicht in angst, haar
hele gezicht werd samengedrukt, haar handen sloegen dicht, ze kreeg het
ongelooflijk benauwd, haar hele lichaam verkrampte. Ze had nauwelijks meer
contact met haar lichaam; bovenlichaam, hart en hoofd voelde ze helemaal
niet meer. “Wat doet Wahinhe met je dat je daar zó bang voor wordt?”
“De paarden…” ze hapte naar adem. “Waar ben je zo bang voor?” In
de ban van haar angst liet het antwoord even op zich wachten.
“Liefde. Ik krijg “liefde” door. Ik snap er niets van.”
“Onderzoek het maar.” “Liefde, licht, zuiverheid.” Ze begreep het
nog steeds niet.
Ineens begon ze te snikken. “De paarden laten me zien wie ik ben.” Ze
bleef snikken. “Ik wil zo graag gezien worden en tegelijkertijd ben ik
er zo bang voor. De paarden zien wie ik ben.”
Toen ze tot rust was gekomen en de boodschap tot zich door kon laten
dringen buitelden de inzichten over elkaar heen als jonge haasjes.“Ik
hoef niet meer bang te zijn voor wie ik ben.” “Ik hoef niet meer te
twijfelen aan wie ik ben.” “Ik ben niet onzeker. Het gaat om
verantwoordelijkheid. Ik wil de verantwoordelijkheid niet nemen voor mijn
leven, voor wie ik ben, voor mijn werk.” “Ik verschuil me achter
onzekerheid en angst. Het is een truuk om mezelf om de tuin te leiden.
Maar het gaat om verantwoordelijkheid nemen.”
Ik voelde haar lichaam zich ontspannen en ze gleed in die speciale sfeer
waarin een individu totaal versmelt met de Eenheid, die de essentie is van
het Leven zelf.
Een paar weken later, de eerste keer na deze sessie,
stond ze bij Wahinhe. Ze was beter in balans. Ze kon de rust die in de
stal heerst in zich opnemen en voelde zich dapperder dan ze in tijden was
geweest. “Wat een geschenk! En ik maar denken dat ze me dood willen
trappen.”
|